Verbeelding

Van 1965 tot 1974 maakte ik meer dan veertig schilderijen, vooral op groot formaat. Daarna deed ik enige tijd rustig aan, want ik studeerde naast m’n werk als onderwijzer theoretische pedagogiek aan de RUG. In 1977 nam ik deel aan de eerste expositie ‘Kunstenaars in Smallingerland’, die in Drachten in de galerij van het theater de Lawei werd gehouden. Dat was de afsluiting van een eerste periode van verbeelding. In de jaren tachtig was ik namelijk druk met m’n nieuwe werk als beleidsmedewerker en leidinggevende bij de Belastingdienst. Om te kunnen schilderen, moet je tijd hebben om je te concentreren.

 

Toen ik in 1994 na een jaar projectmatig werken in Utrecht, onverwacht enige tijd (als spookambtenaar) rustig thuis zat, heb ik de draad van het schilderen weer opgepakt. Niet langer op die grote formaten van minimaal twee vierkante meter, maar op wat handzamere. Op kleiner formaat schilderen vraagt een heel andere aanpak, waar ik wel aan moest wennen. Maar de stijl is dezelfde gebleven. Figuratieve beelden die weliswaar herkenbaar zijn, maar niet realistisch. Het zijn constructies van werkelijkheden met de bedoeling om de toeschouwer te laten fantaseren over een fictieve wereld. Postmodern schilderen: de verbeelding op het doek is niet wat ze lijkt. De toeschouwer wordt uitgedaagd met een eigen uitleg te komen.

 

CURRICULUM VITAE

Geboren in Hengelo, op 25 september 1944.

 

Basisvorming beeldende expressie door Hans de Boer, tekenleraar aan de Rijks Kweekschool voor Onderwijzers te Hengelo, van 1963 – 1965. Lagere Akte Tekenen, 1965. Als schilder autodidact.

 

Olieverfschilderijen 1965 tot heden: Eerste actieve periode 1965 – 1974 Latente fase van 1974 – 1994 Tweede actieve periode 1994 – heden.